We beelden momenteel drie verschillende regimenten uit, maar maken ook uitstapjes naar andere periodes in de geschiedenis. Zolang het maar te paard is!
- Huzaren van Boreel 1815
- 3ème Régiment Chasseurs à Cheval (Chasseurs de Flandre) 1812
- Tachtigjarige oorlog (Grolle – 1627)
Huzaren van Boreel 1815

Het Regiment Huzaren van Boreel werd opgericht in 1813 door Willem Frederik Boreel, direct na de bevrijding van Nederland van de Fransen. Het was een lichte cavalerie-eenheid, gespecialiseerd in verkenning, het uitvoeren van snelle aanvallen en het verstoren van vijandelijke formaties. In 1815 vocht het regiment als onderdeel van het Nederlandse leger mee bij Waterloo, waar zij hun rol als verkenners en lichte cavalerie met succes vervulden.
Uniformering van de Huzaren van Boreel anno 1815:
Staltenue: werd gedragen op de kazerne
Het staltenue bestaat uit:
– hemd (dun katoen of linnen)
– staljas (donkerblauwe wol, 1 rij met 9 koperen knopen)
– witte stalbroek met brede klep
– bonnet de police (donkerblauw met geelzwart koord)
– schoenen
Exercitietenue: werd gedragen tijdens exercities te voet en te paard
Het exercitietenue bestaat uit:
– hemd (dun katoen of linnen)
– staljas (donkerblauwe wol, 1 rij met 9 koperen knopen)
– charivari (donkerblauw met zwart leer, aan zijkanten met 18 benen knopen gesloten)
– bonnet de police (donkerblauw met geelzwart koord)
– schoenen
– sabelriem met sabeltas en sabel
– gibernetas aan riem
– wit lederen handschoenen
Harnachement paard:
– halster, hoofdstel, zadel, waltrap (zónder schabrak).
Veldtenue: werd gedragen tijdens veldtochten en oefeningen
Het veldtenue bestaat uit:
– hemd
– vest (lichtblauw afgezet met geel-zwart galon, 1 rij met 9 halfronde koperen knopen)
– dolman (lichtblauw met 16 tressen van geel-zwart koord, vijf rijen halfronde koperen knopen, middelste rij grotere maat)
– charivari (donkerblauw met zwart leer, aan zijkanten met 18 benen knopen gesloten)
– koordsjerp (geel koord met gele schuivers – 1814 model)
– sjako (frans model met oranje cocarde en kinketting met leeuwenkoppen)
– schoenen of enkellaarzen
– sabelriem met sabeltas en sabel
– gibernetas aan riem
– wit lederen handschoenen
Harnachement paard:
– halster, hoofdstel, zadel, schabrak met waltrap, porte-manteaux.
Groot tenue: werd gedragen tijdens parades en kazernewacht
Het groot tenue bestaat uit:
– hemd
– vest (lichtblauw afgezet met geel-zwart galon, 1 rij met 9 halfronde koperen knopen)
– dolman (lichtblauw met 16 tressen van geel-zwart koord, vijf rijen halfronde koperen knopen, middelste rij grotere maat)
– hongroise (lichtblauw met hongaarse knopen van geel-zwart galon)
– pelisse (donkerblauw met 16 tressen van geel-zwart koord, vijf rijen halfronde koperen knopen, afgezet met zwart lamsbont (astrakan))
– koordsjerp (geel koord met gele schuivers – 1814 model)
– sjako (frans model met oranje cocarde en kinketting met leeuwenkoppen) met geel-zwart sjakokoord en zwarte pluim
– laarzen
– sabelriem met sabeltas en sabel
– gibernetas aan riem
– wit lederen handschoenen
Harnachement paard:
– halster, hoofdstel, zadel, schabrak met waltrap, porte-manteaux.
De trompetter van het regiment was duidelijk herkenbaar
De trompetter van het regiment heeft in principe dezelfde uitrusting als de normale huzaren, maar met de volgende afwijkende kleuren:
– rood in plaats van lichtblauw voor vest, dolman en hongroise
– lichtblauw in plaats van donkerblauw voor pelisse
– kolbak in plaats van sjako
– witte pluim in plaats van zwarte pluim voor op kolbak bij groot tenue



3ème Régiment Chasseurs à Cheval (Chasseurs de Flandre) 1812
Het 3ème Régiment de Chasseurs à Cheval was een lichte cavalerie-eenheid in het leger van Napoleon, opgericht vóór 1812. Het regiment bestond deels uit ruiters afkomstig uit Vlaanderen en de Zuidelijke Nederlanden, die destijds bij Frankrijk waren ingelijfd. Chasseurs à cheval waren gespecialiseerd in verkenning, snelle aanvallen en het ondersteunen van de zware cavalerie.
In 1812 maakten zij deel uit van de Grande Armée tijdens de veldtocht naar Rusland. Tijdens deze veldtocht werd het regiment zwaar gedecimeerd, net als veel andere eenheden van de Grande Armée. Mogelijk is dit de reden dat het 3ème Régiment zelf niet aanwezig was bij de Slag bij Waterloo in 1815. Bij Waterloo vochten echter wél andere chasseurs à cheval-regimenten met een vergelijkbaar uniform, waarin eveneens ruiters uit het huidige België en Nederland dienden, verspreid onder de Franse troepen. Als chasseurs à cheval vervulden zij vooral taken als verkenning, escorte en snelle aanvallen op infanterie en artillerie.

Uniform
Hun uniform bestond uit een wit vest, een groene kinski (jas) met rode tressen, een hongroise met witte strepen, zwarte rijlaarzen en een zwarte shako met korte pluim of pompon, en een sabel als hoofdwapen. Ze droegen een korte cavaleriekarabijn of pistolen als secundair wapen.
Tachtigjarige oorlog
Tijdens de Tachtigjarige Oorlog bestond de cavalerie voornamelijk uit ruiters bewapend met pistolen en een degen of rapier, vaak aangeduid als ruiters (cavalry) of harquebusiers. Bij de Slag om Grolle in 1627, de belegering door prins Frederik Hendrik, vochten cavalerie-eenheden onder Nederlands bevel vooral als verkenners, patrouilles en ter bescherming van de belegeringslinies tegen uitvallen van de Spaanse garnizoenen. Deze troepen waren samengesteld uit Nederlandse, Duitse en soms Franse huurlingen, georganiseerd in eskadrons van cuirassiers (zwaarder gepantserde ruiters) en lichte ruiterij.

Uniform cavalerist Tachtigjarige Oorlog
Een cavalerist droeg in deze periode geen uniform zoals in latere eeuwen, maar wel typische uitrusting en kleding:
Hoofddeksel
Een open helm (zogenaamde pothelm of burgonet) of een morion (Spaans type, vaak bij lichte ruiterij), soms een brede vilten hoed met opstaande rand en veer, afhankelijk van rang en mode.
Bovenlichaam
Een borstharnas (cuirass) en soms rugpantser, vaak gecombineerd met schouderstukken. Onder het harnas droegen zij een leren of wollen wambuis of jas.
Armen en benen
Mouwen van het wambuis of een aparte leren jas, soms stalen armplaten bij zwaardere cavalerie. Op de benen hoge leren rijlaarzen of stevige schoenen met leren beenkappen.
Wapens
- Twee pistolen in holsters aan het zadel, gebruikt in caracole-tactieken.
- Rapier of ruitersabel voor nabijgevechten.
- Sommige cuirassiers droegen ook een korte karabijn of haakbus.
Kleur en uiterlijk
Er was geen standaard uniformkleur; soldaten droegen kleding in aardetinten, grijs, bruin of donkerrood, vaak met sjerpen of banden in de kleuren van hun leger (bijvoorbeeld oranje voor Nederlandse troepen) als herkenningsteken.
